Afwikkeling van nalatenschappen


Rinie Verleun | 02/11/2021
De afwikkeling van nalatenschappen: executeur en overige deskundigen

1. Inleiding

1.1. Het leven kent weinig zekerheden, maar één ding staat met de huidige stand van de wetenschap vast: de mens is sterfelijk en komt dus ooit te overlijden. Deze zekerheid noodzaakt tot wettelijke voorzieningen die de vermogensrechtelijke overdracht van de erflater regelen, dus het creëren van regels omtrent de erfopvolging. We krijgen er allemaal mee te maken: hetzij omdat we op voorhand willen regelen hoe er na ons overlijden met ons vermogen moet worden omgegaan, of omdat we op enig moment iets van het vermogen van een overledene ontvangen. Bijvoorbeeld als erfgenaam, via een legaat of op grond van de legitieme portie.

1.2. Die erfopvolging kan plaatsvinden bij versterf – de toepassing van de wettelijke regels – of krachtens uiterste wilsbeschikking – het testament. Of er nu wel of geen testament is: die erfopvolging moet worden geregeld, ofwel: nalatenschappen moeten worden afgewikkeld. En de vraag is dan: hoe doe je dat? Wettelijk worden er geen eisen gesteld aan personen om nalatenschappen af te wikkelen, en het gebeurt dan ook vaak dat de erfgenamen – of vaak één van hen – alles regelt en in orde maakt. Maar hoe simpel het soms ook lijkt: het afwikkelen van een nalatenschap kan een ingewikkeld doolhof zijn van juridische en fiscale regels. Bovendien kunnen emoties binnen de familie een rol spelen. En dan ligt de vraag voor of het niet verstandig is, om die afwikkeling te laten plaatsvinden door een deskundige of een vertrouwd persoon.

Nalatenschap

1.3. Vaak komt het voor, dat de erflater in zijn testament al een regeling heeft getroffen, en iemand heeft aangewezen die de nalatenschap moet afwikkelen: de executeur (vroeger genoemd: executeur-testamentair). Ook kan het gebeuren dat er een testament is opgesteld, zonder dat daarin een executeur is aangewezen – of dat er helemaal geen testament is, en de nabestaanden in onderling overleg een deskundige in de arm nemen om hen te begeleiden. Hoe gaat dat in zijn werk? Er is dus sprake van twee situaties:
• Er is via een testament een executeur aangewezen;
• Er is via een testament geen executeur aangewezen, en de nabestaande schakelen een externe deskundige in.

1.4. Deze twee situaties worden in dit artikel besproken. Vervolgens komt aan de orde aan welke eisen een executeur of een in te schakelen deskundige zou moeten voldoen. Eerst ligt er echter nog een andere vraag voor: waarom zou je een dergelijke persoon inschakelen?

2. Waarom zou een erflater een executeur benoemen of nabestaanden externe personen inschakelen voor het afwikkelen van de nalatenschap

2.1. Als het gaat om de afwikkeling van nalatenschappen komen veel zakelijke, maar ook emotionele omstandigheden om de hoek kijken. Er zijn veel juridische en fiscale regels van toepassing. Het kan dus best een ingewikkelde klus zijn, en het is zinvol om dat dan te laten doen door iemand met verstand van zaken. Vaak is het ook de wens van de erflater om de afwikkeling niet aan de kinderen over te laten, om te voorkomen dat er onderling strijd ontstaat. Denk aan de situatie dat er leningen van ouders aan kinderen zijn verstrekt, en dat bepaalde afspraken tussen de erflater en een of meer erfgenamen niet duidelijk zijn. De afwikkeling van nalatenschappen door de kinderen leidt vaak tot onderlinge strijd, die iedereen eigenlijk wil vermijden.

2.2. Ook in situaties die heel eenvoudig lijken, blijkt dat de afwikkeling (veel) ingewikkelder is. Een vaak voorkomende situatie is het teveel betalen van erfbelasting. De laatst overleden ouder heeft altijd zuinig geleefd, netjes gespaard en geen schulden gemaakt. En over dat saldo wordt dan erfbelasting betaald. Maar vaak wordt vergeten dat de andere ouder eerder is overleden, en de laatste nog een schuld aan de kinderen had voor het erfdeel van de eerst overleden ouder. En wordt er twee keer erfbelasting betaald.

2.3. En weet je wel zeker hoe de nalatenschap in elkaar steekt, en blijken de schulden niet hoger te zijn dan de bezittingen. Want voor je het weet wordt je opgezadeld met schulden van de erflater die toch iets minder zuinig heeft geleefd, dan de nabestaanden hadden verwacht. De buitenkant – een prachtige woning, mooie auto’s – laat niet alles zien.

2.4. Een erfenis heeft betrekking op vermogensoverdracht. En daaraan zitten altijd flinke risico’s en dat is werk voor deskundigen. Dus zowel zakelijk als emotioneel zijn er goede redenen om nalatenschappen op een deskundige en onafhankelijke wijze te laten afwikkelen.


Executeur advocaat

3. Er is via een testament een executeur aangewezen

3.1. Als de erflater in zijn of haar testament een executeur heeft aangewezen, moet de beoogde executeur nog wel de benoeming aanvaarden. Een executeur kan alleen maar via testament worden aangewezen, behoudens benoeming door de kantonrechter na ontslag van een testamentair benoemde executeur. Alle andere personen die bij de afwikkeling van de nalatenschap zijn betrokken, zijn dus geen executeur in de zin van de wet.

3.2. Zoals reeds opgemerkt: bij gebleken ongeschiktheid van de benoemde executeur kunnen belanghebbende de kantonrechter te verzoeken de benoemde executeur te ontslaan en een nieuwe te benoemen, maar het initiatief tot benoeming van een executeur gaat in eerste instantie van de erflater uit.

3.3. Het is van belang om te bepalen of iemand wel of geen executeur is, omdat de bevoegdheden en de positie van de executeur wettelijk binnen de regels voor het erfrecht is geregeld. Dat geldt niet voor andere externe personen die bij de afwikkeling van een nalatenschap worden betrokken.

3.4. Een executeur moet de schulden van de nalatenschap voldoen. Daaronder vallen ook eventueel toegekende legaten. Om deze opdracht te kunnen uitvoeren, krijgt de executeur het beheer over de goederen van de nalatenschap. Daaronder vallen alle handelingen die voor de normale exploitatie van nalatenschappen noodzakelijk zijn. Dat kan dus ook betekenen dat de executeur goederen uit nalatenschappen moet verkopen om de schulden te kunnen voldoen, bijvoorbeeld de woning van de erflater. De executeur moet dus welbeschouwd de nalatenschap klaar maken voor de verdeling onder de erfgenamen, en daarvoor moeten alle schulden van de nalatenschap worden voldaan. Als alle schulden zijn voldaan, is de nalatenschap gereed voor de verdeling onder de erfgenamen. Die verdeling wordt niet uitgevoerd door de executeur. Dat moeten de erfgenamen zelf doen.

3.5. Gedurende de tijd dat de executeur met het beheer over de goederen van de nalatenschap is belast kunnen de erfgenamen niet zonder zijn medewerking of machtiging van de kantonrechter over die goederen of hun aandeel daarin beschikken. Als de erfgenamen dus een beheersdaad willen uitvoeren – bijvoorbeeld verkoop van een vermogensaandeel – moet dat met toestemming gebeuren.

3.6. De executeur begint zijn werk met het opstellen van een boedelbeschrijving. Dat moet hij volgens de wet “met bekwame spoed” doen. In die boedelbeschrijving moet tevens een voorlopige staat van de schulden van de nalatenschap zijn opgenomen. Tevens moet de executeur alle hem bekende schuldeisers oproepen tot indiening van de vorderingen. De executeur kan ook een boedelnotaris aanwijzen, als voor zijn werkzaamheden ondersteuning van een notaris noodzakelijk of wenselijk is. Voor deze boedelnotaris gelden bijzondere vereisten, in het bijzonder registratie in het boedelregister.

3.7. Erfgenamen zijn meestal van mening dat de executeur hun belangen dient te behartigen, en dus namens hen optreedt. Zo staat het ook wel min of meer in de wet: de executeur vertegenwoordigt bij de vervulling van zijn taak de erfgenamen. Dat wil echter niet zeggen, dat hij moet doen wat de erfgenamen wensen. De executeur is immers benoemd door de erflater en dient zich dus aan de wensen van de erflater te conformeren.

3.8. Dit aspect kan nog wel eens voor frictie zorgen tussen de erfgenamen en de executeur. De executeur heeft zich uiteraard wel aan de wensen van de erflater te houden, en die wensen zijn wel eens anders dan de erfgenamen hadden verwacht. Denk bijvoorbeeld aan de situatie dat een levenslang legaat wordt toegekend aan een vriend(in) van de erflater. Dat gaat ten koste van het erfdeel van de erfgenamen, die daarmee niet in alle gevallen gelukkig zijn. De executeur is dan toch een beetje de brenger van het slechte nieuws, en kan niet altijd op begrip rekenen. De uitdrukking “don’t shoot the messenger” is hier van toepassing.

3.9. De executeur kan op eigen verzoek worden ontslagen, of door de kantonrechter om gewichtige redenen. Een dergelijk verzoek bij de kantonrechter kan worden ingediend door onder meer een of meer erfgenamen. Vaak wordt een dergelijk verzoek bij de kantonrechter ingediend door erfgenamen, die van mening zijn dat hun belangen niet naar behoren worden behartigd. Dat is in beginsel onvoldoende voor een ontslag, omdat het om de uitvoering van de wensen van de erflater gaat. Het disfunctioneren van de executeur moet dus objectief bepaalbaar zijn.

3.10. Als de executeur zijn taken heeft voltooid, eindigt zijn taak.

3.11. Wettelijk is bepaald dat die beloning % van de waarde van het vermogen van de erflater bedraagt. Het vermogen betreft het saldo van de bezittingen en schulden van de erflater op de dag van zijn overlijden. Dit is echter regelend recht, dus de erflater kan van die bepaling bij testament afwijken en een andere beloning vaststellen.

4. Er is niet via een testament een executeur aangewezen, en de nabestaande schakelen een externe deskundige in

4.1. In de situatie dat er in een testament geen executeur is benoemd, of er helemaal geen testament is, kan er niet alsnog een executeur worden benoemd. Zoals reeds hiervoor opgemerkt kan dat alleen door de erflater via een testament. Dat houdt dan in, dat de erfgenamen zelf voor de afwikkeling van de nalatenschap moeten zorgdragen. De vraag is dan of het niet verstandig is om een onafhankelijke persoon in te schakelen de al ervaring heeft met het afwikelen van nalatenschappen.

4.2. De rol van zo’n ingeschakelde deskundige is anders dan die van een executeur. Deze deskundige wordt immers door de nabestaanden benoemd, en niet door de erflater. Er is dus een contractuele band tussen de nabestaanden – die opdrachtgever zijn – en de deskundige. Dat wil nog steeds niet zeggen, dat deze deskundige maar moet doen wat de nabestaanden willen: onder alle omstandigheden dient iedereen de laatste wil van de erflater te respecteren, en daar heeft men het gewoon mee te doen. De bevoegdheden van de deskundige zijn afhankelijk van wat er is afgesproken: de deskundige heeft geen bevoegdheden die uit de wet voortvloeien, zoals de executeur.

4.3. De bevoegdheden van een extern benoemde worden derhalve bepaald door de opdracht die aan hem of haar wordt verstrekt. Als de externe deskundige beheersbevoegdheden krijgt, moet hij daarvoor nadrukkelijk door de erfgenamen worden gemachtigd. De rol van een deskundige die op deze wijze wordt benoemd, is er dus ook vaak een van adviseur, die de erfgenamen in de afwikkeling begeleidt en adviseert.

4.4. De beloning is vrij te bepalen en komt tot stand in overleg tussen de erfgenamen als opdrachtgevers en de deskundige als opdrachtnemer. Vaak wordt de beloning op basis van een uurtarief bepaald, maar ook andere tariefafspraken zijn mogelijk.

5. Conclusie

5.1. Bij het opstellen van een testament doet de erflater er goed aan, te overwegen of de benoeming van een executeur zinvol is. Er zijn goede redenen om dat te doen, met name om de erfgenamen de werkzaamheden rond de afwikkeling van het testament uit handen te nemen.

5.2. Als er geen executeur is benoemd, doen erfgenamen er goed aan zich via deskundigen te laten begeleiden.